De waardering voor koning Willem-Alexander is in 2026 licht gestegen blijkt uit onderzoek van NOS, terwijl tegelijkertijd de kritiek op de kosten van het koningshuis toeneemt. Dat blijkt uit een nieuwe Koningsdag-enquête. Vooral jongeren kijken kritischer naar de uitgaven, ondanks een groeiend vertrouwen in de rol van de koning.
Vertrouwen in koning herstelt na eerdere dip
Het vertrouwen in koning Willem-Alexander laat opnieuw een lichte stijging zien. Inmiddels geeft 54 procent van de Nederlanders aan vertrouwen te hebben in het staatshoofd. Daarmee zet het herstel door dat vorig jaar al zichtbaar werd na een periode van lagere waardering, onder meer tijdens de coronajaren.
Ook de tevredenheid over hoe de koning zijn functie invult is toegenomen. Waar vorig jaar nog minder dan de helft positief was, ligt dat percentage nu boven de vijftig. Nederlanders waarderen vooral zijn persoonlijke uitstraling en betrokkenheid bij maatschappelijke onderwerpen. Daarnaast wordt hij gezien als iemand die verschillende groepen in de samenleving met elkaar weet te verbinden.
De koning krijgt net als vorig jaar een rapportcijfer van 6,9. Máxima en Catharina-Amalia scoren opnieuw iets hoger in de beoordeling.
Rol van de monarchie blijft stabiel
De steun voor de monarchie als staatsvorm verandert nauwelijks. Zes op de tien Nederlanders geven nog steeds de voorkeur aan een koningshuis boven een republiek met een gekozen president. In een tijd van internationale spanningen en onzekerheid wordt de koning door veel mensen gezien als een symbool van stabiliteit.
Zijn rol in het buitenland wordt overwegend positief beoordeeld. Tegelijkertijd zijn er verdeeldheid en discussie over specifieke bezoeken, zoals recente internationale ontmoetingen. Voorstanders benadrukken het belang van diplomatieke relaties, terwijl critici wijzen op de mogelijke politieke uitstraling van dergelijke bezoeken.
Ook over de aanwezigheid van leden van het koningshuis bij internationale evenementen, zoals sporttoernooien, verschillen de meningen. Een deel van de Nederlanders vindt dat geen probleem, terwijl anderen vinden dat politieke omstandigheden zwaarder moeten wegen.
Toenemende kritiek op kosten koningshuis
Naast de groeiende waardering klinkt er ook duidelijke kritiek. Bijna de helft van de Nederlanders vindt de kosten van het koningshuis te hoog. Vooral onder jongeren neemt die kritiek toe. Zij leggen vaker de link met stijgende kosten van levensonderhoud en zorgen over hun eigen financiële toekomst.
De jaarlijkse uitgaven voor het koningshuis zijn gestegen en liggen inmiddels ruim boven de 60 miljoen euro. In een periode waarin veel huishoudens te maken hebben met hogere prijzen en economische onzekerheid, roept dat vragen op over de hoogte van deze kosten.
Eerdere discussies over uitgaven en privileges blijven daarbij een rol spelen in hoe mensen naar het koningshuis kijken, ook al liggen die gebeurtenissen inmiddels enige tijd achter ons.
Kritische blik op toelage en groeiende rol van Amalia
De positie van Catharina-Amalia blijft onderwerp van gesprek. Hoewel zij overwegend positief wordt beoordeeld en gezien wordt als een serieuze toekomstige koningin, groeit de kritiek op het gebruik van haar financiële toelage. Een groter deel van de Nederlanders vindt het niet terecht dat zij gebruikmaakt van het onkostendeel daarvan.
Tegelijkertijd wordt haar maatschappelijke inzet, net als die van Máxima, positief ontvangen. Hun betrokkenheid bij defensie-activiteiten kan rekenen op brede steun. Dat draagt bij aan het beeld van een koningshuis dat actief probeert mee te bewegen met de samenleving.
Per saldo laat de enquête een dubbel beeld zien: het vertrouwen in de koning groeit, maar de discussie over de kosten en rol van het koningshuis blijft nadrukkelijk aanwezig.





