Ga naar inhoud
Europa

Von der Leyen wil machtiger Europa, maar wie krijgt de macht?

Redactie CheckOn••6 min leestijd
Deel dit artikel
FacebookWhatsAppX

Europa moet zelfstandiger, machtiger en minder afhankelijk worden van de Verenigde Staten en China. Dat is de koers die Europese Commissievoorzitter Ursula von der Leyen woensdag voor de EU uitstippelde. Maar tussen de grote woorden uit Brussel en daadwerkelijke Europese macht zit een belangrijke vraag: hoeveel van deze plannen kunnen worden uitgevoerd en hoeveel zeggenschap willen de 27 EU-landen daarvoor naar Europees niveau brengen?

Von der Leyen gebruikte haar jaarlijkse State of the Union om een opvallend brede toekomstvisie voor Europa neer te zetten. Defensie, migratie, sociale media, klimaat, grondstoffen, China, kunstmatige intelligentie en internationale samenwerking kwamen allemaal voorbij.

De boodschap daarachter was duidelijk: Europa moet volgens de Commissie veel meer op eigen benen kunnen staan.

Dat klinkt misschien logisch in een wereld waarin internationale verhoudingen snel veranderen. Maar het betekent tegelijkertijd dat Brussel op steeds meer grote onderwerpen een centrale Europese aanpak voorstelt.

En juist daar begint de politieke discussie.

 

Brussel wil Europa ook op veiligheidsgebied sterker maken

Een van de opvallendste plannen is een Europese Veiligheidsraad. Daarnaast wil Von der Leyen een speciaal protocol waarmee Europa snel kan reageren op bijvoorbeeld cyberaanvallen, sabotage en andere ernstige veiligheidsproblemen.

Ook landen die geen EU-lid zijn, zoals Canada, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk, zouden daarbij betrokken kunnen worden.
Daarmee begeeft de Europese Unie zich nadrukkelijker op een terrein waarop nationale regeringen en de NAVO traditioneel een zeer belangrijke rol spelen.

Von der Leyen presenteert dat als antwoord op een veranderende wereld. Europa kan er volgens haar niet langer automatisch vanuit gaan dat andere landen zijn veiligheid, grondstoffen of economische belangen beschermen.

Maar de aankondiging van een Europese Veiligheidsraad roept ook praktische vragen op.

Welke bevoegdheden krijgt zo’n raad? Wie bepaalt wanneer Europa moet optreden? Wat blijft een nationale beslissing en wat wordt Europees geregeld?

Op die vragen is nog geen definitief antwoord.

Dat is belangrijk, want een speech van de voorzitter van de Europese Commissie is geen nieuwe Europese wet. De Commissie kan veel voorstellen, maar kan het grootste deel daarvan niet zelfstandig invoeren.

Bij de meeste Europese wetgeving moeten ook het rechtstreeks gekozen Europees Parlement en de regeringen van de 27 lidstaten akkoord gaan.
Als nieuwe plannen zelfs een wijziging van de Europese verdragen vereisen, moeten alle EU-landen daarmee instemmen.

De grote Europese ambities van woensdag zijn daarom nog lang geen politieke werkelijkheid.

Bijzondere rol voor Canada bestaat nog niet eens

Ook de toenadering tot Canada laat zien hoe groot Von der Leyen denkt.
De Commissievoorzitter wil Canada een soort ‘associate membership’ aanbieden. Daarmee zou Canada veel nauwer met de Europese Unie samenwerken zonder daadwerkelijk EU-lid te worden.

Het opvallende probleem: zo’n officieel associatielidmaatschap bestaat op dit moment niet binnen de Europese verdragen.
Canada wil bovendien zelf geen normaal EU-lid worden. De bedoeling lijkt vooral een nieuwe samenwerking te zijn rond defensie, technologie, energie, grondstoffen en internationale politiek.

Het idee zegt daarmee misschien meer over de nieuwe koers van Brussel dan over Canada zelf.
De Europese Unie kijkt niet meer alleen naar de huidige 27 lidstaten, maar zoekt een bredere groep landen waarmee zij economisch en geopolitiek sterker wil staan.
Dat kan Europa internationaal meer gewicht geven. Tegelijk moet nog worden bepaald wat zo’n nieuwe samenwerking juridisch precies betekent en welke rechten en verplichtingen daarbij horen.

Een grote aankondiging is dus gedaan voordat de precieze constructie bestaat.

 

Van migratie tot sociale media: steeds meer Europese oplossingen

Het blijft niet bij defensie en buitenlandse politiek.

Von der Leyen wil ook nieuwe Europese regels voor plotselinge grote migratiestromen. Brussel werkt daarvoor aan een noodmechanisme waarmee onder bijzondere omstandigheden tijdelijk anders met bestaande procedures kan worden omgegaan.

Daarnaast wil de Commissie een verbod op sociale media voor kinderen onder de dertien jaar voorstellen. Voor jongeren tot vijftien jaar zouden strengere regels moeten gelden.

Ook bij grondstoffen wil Brussel meer controle.

Von der Leyen waarschuwde dat het Europese handelstekort met China vorig jaar gemiddeld ongeveer 1 miljard euro per dag bedroeg. Europa is daarnaast sterk afhankelijk van China voor verschillende belangrijke grondstoffen.

Daarom wil de Commissie een nieuwe Europese organisatie oprichten die kritieke grondstoffen moet inkopen, veiligstellen en opslaan.

Ook klimaatbeleid wordt verder Europees aangepakt. Von der Leyen kondigde onder meer plannen voor extreme hitte en klimaatschade aan.
Los van de vraag wat iemand inhoudelijk van al die voorstellen vindt, valt vooral de omvang van de agenda op.

Migratie, kinderbescherming op internet, defensie, grondstoffen, industrie, energie, klimaat en internationale veiligheid worden steeds nadrukkelijker als Europese problemen gepresenteerd waarvoor ook Europese oplossingen nodig zijn.

Dat betekent niet automatisch dat nationale regeringen hun bevoegdheden kwijtraken. Veel beleid wordt uiteindelijk juist samen met die regeringen vastgesteld.

Maar de politieke richting is duidelijk: de Commissie ziet voor Europa een grotere gezamenlijke rol.

Brussel kan veel aankondigen, maar niet alles zelf bepalen

Daar zit tegelijkertijd de zwakke plek van de toespraak.

Von der Leyen kan tijdens een State of the Union een indrukwekkende lijst plannen presenteren. Daarna begint pas het moeilijke deel.

Voorstellen moeten juridisch worden uitgewerkt. Het Europees Parlement moet zich erover buigen. Nationale regeringen moeten onderhandelen. Landen hebben verschillende belangen en plannen kunnen worden aangepast, vertraagd of volledig vastlopen.

Dat gebeurde eerder ook.

Een duidelijk voorbeeld is de discussie over honderden miljarden euro’s aan bevroren Russische tegoeden. Het idee om Russisch vermogen voor Oekraïne te gebruiken klinkt politiek eenvoudig, maar bleek juridisch en financieel veel ingewikkelder.

EU-landen maakten zich onder meer zorgen over juridische risico’s en mogelijke gevolgen voor het Europese financiële systeem.

Het resultaat is dat de uiteindelijke oplossing veel ingewikkelder werd dan de oorspronkelijke politieke boodschap.

Dat verschil tussen aankondigen en uitvoeren is belangrijk bij het beoordelen van de State of the Union.

Woensdag werd vooral de gewenste richting van Europa gepresenteerd. Niet een pakket maatregelen dat morgen automatisch wordt ingevoerd.

Een onafhankelijker Europa betekent ook keuzes over macht

Onder alle losse voorstellen ligt uiteindelijk een veel grotere discussie.

Hoe zelfstandig moet Europa worden?

Als Europese landen minder afhankelijk willen worden van Washington voor veiligheid, van China voor grondstoffen en van andere landen voor technologie en energie, zullen zij op bepaalde terreinen nauwer moeten samenwerken.

Maar daarmee volgt automatisch een tweede vraag: wie neemt binnen Europa vervolgens de beslissingen?

Blijven nationale regeringen daarbij uiteindelijk de belangrijkste macht houden, of verschuift steeds meer besluitvorming naar Europese instellingen?

Von der Leyen legde woensdag duidelijk de nadruk op een Europa dat gezamenlijk sterker optreedt.

Voorstanders van verdergaande Europese samenwerking kunnen daarin een manier zien om tegenover grootmachten als de Verenigde Staten en China meer gewicht te krijgen. Tegenstanders zullen juist kritisch kijken naar verdere uitbreiding van Europese bevoegdheden en de afstand tussen Brussel en nationale politiek.

Uiteindelijk beslissen Von der Leyen en de Europese Commissie dat niet alleen.
Het Europees Parlement, de 27 regeringen en in sommige gevallen ook nationale parlementen krijgen nog een belangrijke rol.
De State of the Union van woensdag is daarom vooral het begin van de discussie.

Von der Leyen heeft duidelijk gemaakt welk Europa zij voor zich ziet: zelfstandiger, geopolitieker en actiever op steeds meer beleidsterreinen.
Nu moet blijken hoeveel van die visie de 27 EU-landen daadwerkelijk willen uitvoeren, en hoeveel macht zij daarvoor gezamenlijk in Brussel willen organiseren.

Deel dit artikel
FacebookWhatsAppX