Het kabinet heeft geen concrete maatregelen gepresenteerd om de gevolgen van de stijgende energieprijzen te verzachten, te midden van de aanhoudende crisis in het Midden-Oosten. Minister van Financiën Heinen meldde dat een beslissing om bijvoorbeeld brandstofprijzen te verlagen voorlopig niet aan de orde is.
Tijdens een debat in de Tweede Kamer benadrukte minister Heinen dat de huidige crisis zich mogelijk verder kan escaleren, wat de noodzaak om financieel voorbereid te zijn vergroot. Hij waarschuwde dat er voldoende middelen beschikbaar moeten blijven om de meest getroffen groepen te ondersteunen. Het kabinet werkt momenteel aan een inventarisatie van mogelijke maatregelen, die voor de voorjaarsnota in april moet worden gepresenteerd. Besluiten over deze maatregelen kunnen mogelijk in mei of juni worden genomen.
Oproep tot geduld
Minister van Economische Zaken Herbert vroeg de Kamer om geduld en benadrukte dat het kabinet kwalitatief goede maatregelen wil treffen, gericht op de doelen die het meest nodig hebben. “We voorbereiden ons op een langere crisis, waarbij tijdelijke oplossing niet voldoende zijn,” aldus de minister. Hij wijst daarbij op de kans dat de economische situatie kan verslechteren als gevolg van de oorlog en de impact daarvan op de Nederlandse economie.
Heinen voegde toe dat de schatkist zich aan de onderkant van zijn mogelijkheden bevindt, waardoor overhaaste beslissingen niet wenselijk zijn. “De gratis opties zijn echt op,” aldus de minister, die daarmee een vingerwijzing gaf naar de huidige financiële situatie.
Prijsplafond en accijnzen
Desondanks onderzoekt het kabinet enkele voorstellen, waaronder een prijsplafond voor benzine en diesel. Dit voorstel, afkomstig van GroenLinks-PvdA, wordt als “interessant” beschouwd. Minister Herbert geeft aan dat dit idee opgenomen zal worden in de inventarisatie van mogelijke maatregelen, maar waarschuwt ook dat er vragen zijn over mogelijke prijsverhogingen die een maximumprijs met zich mee kan brengen.
Daarnaast pleiten verschillende partijen, waaronder de regeringspartij VVD en rechtse oppositiepartijen, voor een verlaging van de accijnzen op brandstof. Een dergelijke maatregel kan sneller worden ingevoerd, maar er ontbreekt momenteel een meerderheid in de Kamer om deze aanpassing door te voeren. Critici wijzen er bovendien op dat dergelijke generieke belastingverlagingen een aanzienlijke kostenpost voor de overheid met zich meebrengen en vooral ten goede komen aan hogere inkomens.
SP-leider Dijk stelt echter dat lagere accijnzen juist de mensen met lagere inkomens ten goede komen, omdat zij procentueel meer van hun budget aan brandstof besteden. Ondanks de druk vanuit de Kamer zijn er momenteel geen concrete voorstellen om het kabinet te dwingen tot onmiddellijke acties. Tot nu toe hebben alleen ideeën voor verder onderzoek naar een prijsplafond de steun van een meerderheid gekregen.







